Hieronder vind je antwoorden op de meestgestelde vragen over FaunaSpot.
Staat jouw vraag er niet bij? Neem dan contact op met de FaunaSpot-helpdesk.
FaunaSpot is voor:
Dit registreer je in FaunaSpot onder:
Je registreert je acties altijd per perceel, voordat je van het perceel vertrekt. Je kunt daarbij ieder dier registreren in een perceel, maar je kunt ook per perceel het totaal per diersoort registreren. Nestbehandeling registreer je altijd op de locatie van het nest.
FaunaSpot ‘pint’ de locatie van jouw registraties met de GPS-module op jouw mobiele telefoon of tablet. Net als bij andere apps kun je zelf aangeven of FaunaSpot eenmalig, bij gebruik van de app of altijd gebruik mag maken van de GPS-module. FaunaSpot kan dit niet zelf instellen, dat moet jij als gebruiker doen.
Zijn alle instellingen in FaunaSpot goed ingesteld en kan je nog steeds geen registraties toevoegen? Het kan dan zijn dat je nog geen toestemming hebt gegeven op GPS-gegevens in te laden in je telefoon. Hiervoor moet toestemming worden gegeven via het accepteren van de voorwaarden via Google Maps.
Als je een registratie toevoegt, geeft een blauwe punt op de kaart aan waar je bent. Het witte blok met ‘Voeg registratie toe’ geeft aan waar de registratie wordt opgeslagen. Klik op het ronde doel-teken (rechts onderin) om je locatie te verversen.
Preventieve maatregelen en nestbehandeling kan iedereen registreren, zolang je maar aan de voorwaarden voldoet. Check daarom altijd vooraf de Faunakalender voor de voorwaarden.
Uiteraard mag je pas van de machtiging gebruik maken als je aan de voorwaarden voldoet. Check altijd vooraf de Faunakalender voor de voorwaarden.
Als agrariër kun je met FaunaSpot registreren welke maatregelen je hebt genomen om schade te voorkomen. Daarbij horen:
Ja, maar BIJ12 neemt nog niet alle registraties van preventieve maatregelen mee bij de beoordeling voor adequaat gebruik. De volgende activiteiten worden nu bij de beoordeling voor adequaat gebruik meegenomen:
Deze acties moeten minstens twee keer per week worden uitgevoerd (en dus geregistreerd).
Dus: als de agrariër het perceel bezoekt en hij treft géén ganzen aan, dan kan hij dat in FaunaSpot registreren. BIJ12 accepteert deze registratie als één van de twee verplichte acties voor die week. De jager hoeft dan niet te komen om die observatie te doen en daar een registratie voor in te voeren. De verantwoordelijkheid en de werklast worden daarmee verdeeld.
Maar: als de agrariër het perceel bezoekt en hij treft wél ganzen aan en hij verjaagt ze (bijvoorbeeld met zijn trekker), dan geldt die registratie voor BIJ12 niet als activiteit in het kader van adequaat gebruik. Dan is er die week dus nog een bezoek van de jager of agrariër nodig.
De agrariër vraagt zelf de afschotgegevens op bij zijn schadebestrijder en combineert die met zijn eigen uitgevoerde acties. Deze dient hij in bij BIJ12. Het uitdraaien van deze gegevens kan via het FaunaSpot-dashboard
Adequaat gebruik houdt in dat vanaf de datum waarop schade is geconstateerd, tot en met de eindtaxatie er minimaal twee keer in de week activiteiten worden ondernomen om schade te voorkomen. Er wordt dan adequaat gebruik gemaakt van de vergunningen die zijn verleend om schade te voorkomen.
Op de website van BIJ12 [link naar website BIJ12 kun je meer lezen over het toetsen van adequaat gebruik.
Wanneer een toezichthouder of opsporingsambtenaar van de OD gegevens bij ons vordert, zijn wij wettelijk verplicht om hieraan mee te werken.
In de algemene wet bestuursrecht (AWB) staat het volgende:
‘Een toezichthouder is bevoegd inlichtingen te vorderen.’ ‘Een ieder is verplicht aan een toezichthouder binnen de door hem gestelde redelijke termijn alle medewerking te verlenen die deze redelijkerwijs kan vorderen bij de uitoefening van zijn bevoegdheden.’
In de Wet op de economische delicten (WED) staat:
‘Een ieder is verplicht aan de opsporingsambtenaren binnen de door hen gestelde redelijke termijn alle medewerking te verlenen, die deze redelijkerwijs kunnen vorderen bij de uitoefening van de hen krachtens deze titel toekomende bevoegdheden.‘
Nee. Zij mogen alleen die gegevens vorderen die noodzakelijk zijn voor het specifieke toezichts- of opsporingsdossier.
Toezichthouders van de OD controleren of organisaties en personen zich houden aan de Omgevingswet. Hun bevoegdheden staan in de Algemene wet bestuursrecht (Awb). Zij mogen onder meer inzage vorderen in een identiteitsbewijs, inlichtingen, zakelijke gegevens en bescheiden, plaatsen betreden, onderzoeken uitvoeren en monsters nemen.
Buitengewoon opsporingsambtenaren (boa’s) van de OD hebben bevoegdheden om strafbare feiten op te sporen binnen het domein Milieu, Welzijn en Infrastructuur. Hun bevoegdheden zijn vastgelegd in de Wet op de economische delicten.
Ja. Bij iedere vordering beoordelen wij de wettelijke grondslag en controleren we of deze past binnen de functie en bevoegdheden van de betreffende toezichthouder of
opsporingsambtenaar. Waar nodig stellen we kritische vragen over proportionaliteit en noodzakelijkheid.
Het is echter de verantwoordelijkheid van de toezichthouder of opsporingsambtenaar om niet meer gegevens te vorderen dan noodzakelijk. Als FBE kunnen wij dit niet volledig beoordelen, omdat wij de aanleiding van het toezichts- of opsporingsonderzoek niet (mogen) kennen.
De OD vraagt uitsluitend gegevens die nodig zijn voor de toezichts- of opsporingswerkzaamheden. Zij kunnen toelichten waarom deze gegevens op dat moment noodzakelijk zijn. Wij bespreken altijd met de OD of het gebruik van anonieme gegevens voldoende is.
Organisaties die persoonsgegevens verwerken (waaronder het delen daarvan) hebben een informatieplicht. Dat betekent dat wij u informeren wanneer wij persoonsgegevens met de OD delen.
Wanneer het gaat om het opsporen van strafbare feiten, kan het zijn dat wij u (nog) niet mogen informeren. In dat geval maken wij met de OD de afspraak dat zij u informeren zodra dit mogelijk is.